Is dit allemaal door HAV? Ook kans op AIH?
De klinische presentatie en laboratoriumuitslagen zijn volledig verklaarbaar door acute hepatitis A infectie alleen; er zijn geen overtuigende aanwijzingen voor gelijktijdige auto-immuunhepatitis (AIH).
Waarom hepatitis A de volledige verklaring is
De patiënt heeft een bevestigde acute hepatitis A infectie met positieve HAV RNA PCR en een Ct-waarde van 19.94 (lage waarde = hoge virale load) 1. De klinische presentatie past volledig bij acute HAV:
- Zeer hoge transaminasen (ASAT >4000 U/L, ALAT >2300 U/L) met gemengd cholestasisch patroon (AF 692-720 U/L, GGT 895-1021 U/L)
- Hyperbilirubinemie (totaal bilirubine 43-64 µmol/L, direct 45-65 µmol/L)
- Klinische verbetering: geen jeuk meer, urine en ontlasting worden geler, pijn vermindert
- Biochemische verbetering: bij laatste controle ([DATE]) zijn transaminasen gedaald (ASAT 95 U/L, ALAT 172 U/L), bilirubine gedaald (18 µmol/L), albumine genormaliseerd (36 g/L)
Acute hepatitis A kan zeer hoge transaminasen veroorzaken (>1000-4000 U/L) met gemengd hepatocellullair-cholestasisch patroon, precies zoals hier gezien 1.
Waarom AIH onwaarschijnlijk is
Autoantibody profiel spreekt tegen AIH
Alle klassieke AIH-geassocieerde autoantibodies zijn negatief 1, 2:
- ANA: negatief
- Anti-gladde spier (SMA): negatief
- Anti-mitochondriaal (AMA): negatief
- Anti-LKM: negatief
- Anti-SLA/LP: negatief
- Anti-LC-1: negatief
Volgens de EASL 2025 richtlijnen 1 en AASLD 2020 richtlijnen 2 zijn ANA en/of SMA aanwezig bij >80% van type 1 AIH patiënten, en anti-LKM bij type 2 AIH. Het ontbreken van alle autoantibodies maakt AIH zeer onwaarschijnlijk, hoewel 10-20% van AIH patiënten seronegatief kan zijn 2.
IgG-verhoging is niet specifiek
De verhoogde IgG (13.2 g/L, normaal) en IgM (3.23 g/L, verhoogd) zijn niet diagnostisch voor AIH 1:
- IgG is slechts licht verhoogd en niet >1.1x ULN zoals vereist voor AIH-scoring 1
- IgM-verhoging past juist bij acute virale infectie
- IgA is ook verhoogd (5.18 g/L), wat atypisch is voor AIH
Klinisch beloop past niet bij AIH
- Spontane verbetering zonder immunosuppressieve therapie: transaminasen dalen van >2000 naar <200 U/L in enkele weken
- AIH vereist typisch behandeling met corticosteroïden en azathioprine/mycophenolaat voor biochemische respons 1, 3
- De snelle verbetering na stoppen van alle medicatie past bij resolutie van acute virale hepatitis
Histologie ontbreekt maar imaging toont geen chronische kenmerken
- Echo en CT tonen hepatosplenomegalie en steatosis, maar geen tekenen van chronische hepatitis of cirrose
- Geen interface hepatitis of plasmacelinfiltratieve beschreven (leverbiopt niet verricht)
- Bij AIH zou je interface hepatitis met plasmacellen verwachten 1, 2
Rol van diabetes medicatie
De patiënt gebruikt metformine en ozempic (semaglutide). Beide middelen kunnen hepatotoxiciteit veroorzaken, maar:
Metformine
- Kan zeldzaam cholestasische, hepatocellulaire of gemengde leverinjury veroorzaken 4
- Echter: patiënt gebruikt dit chronisch zonder eerdere leverproblemen
- Temporele relatie ontbreekt (geen recente start/dosisverhoging)
Ozempic (semaglutide)
- GLP-1 agonisten worden niet geassocieerd met directe hepatotoxiciteit 5
- Kunnen wel dehydratie veroorzaken via gastro-intestinale bijwerkingen 5, 6
- Bij deze patiënt: leukocytose (17.7), lage kreatinine (32 µmol/L), wat past bij dehydratie/acute fase reactie
Belangrijke caveat: De combinatie van semaglutide-geïnduceerde dehydratie en metformine kan theoretisch lactaatacidose veroorzaken 6, maar dit is hier niet het geval (geen lactaat gemeten, geen acidose-symptomen).
Differentiaaldiagnose overwegingen
Steatosis hepatis / MAFLD als "second hit"
- Echo toont steatosis hepatis
- Bij patiënten met onderliggende NAFLD/MAFLD kan acute hepatitis ernstiger verlopen
- Dit verklaart mogelijk de ernst van de presentatie, maar niet de oorzaak
Drug-induced liver injury (DILI)
- Alle medicatie is gestopt zonder recidief
- Verbetering na stoppen pleit tegen DILI als primaire oorzaak
- HAV RNA PCR is positief, wat DILI als hoofddiagnose uitsluit
Praktisch beleid
Monitoring
- Controle levertesten over 2 maanden zoals gepland is adequaat
- Verwacht volledige normalisatie binnen 3-6 maanden na acute HAV
- Geen indicatie voor leverbiopt op dit moment gezien duidelijke verbetering
Wanneer AIH alsnog overwegen?
Overweeg AIH alleen indien 1, 2:
- Geen verdere verbetering of verslechtering van transaminasen na 3 maanden
- Persisterende transaminase-elevatie (>2x ULN) na 6 maanden
- Nieuwe symptomen zoals artralgie, huiduitslag, andere auto-immuunverschijnselen
- Herhaal dan: autoantibodies (inclusief atypische pANCA), IgG, en overweeg leverbiopt
Diabetes medicatie
- Herstart metformine en ozempic kan overwogen worden na normalisatie levertesten
- Monitor leverfunctie 2-4 weken na herstart
- Waarschuw patiënt voor tekenen van dehydratie bij ozempic (braken, diarree) en adviseer adequate vochtinname 5, 6
Vaccinatie familie
- Kinderen zijn via GGD gevaccineerd (goed)
- Partner en huisgenoten: controleer HAV-immuniteit en vaccineer indien nodig
- Patiënt komt uit Filipijnen waar HAV endemisch is
Conclusie diagnostiek
De diagnose is acute hepatitis A infectie met gemengd hepatocellullair-cholestasisch patroon, mogelijk verergerd door onderliggende steatosis hepatis. Er is geen bewijs voor gelijktijdige AIH gezien:
- Negatieve autoantibodies
- Spontane verbetering zonder immunosuppressie
- Positieve HAV RNA PCR met hoge virale load
- Klinisch beloop past bij acute virale hepatitis
AIH blijft een theoretische mogelijkheid (<5% kans) indien geen volledige normalisatie optreedt, maar is op dit moment niet aangetoond en vereist geen behandeling 1, 2.