Ja, een dosisvermindering van citalopram van 40 mg naar 32 mg kan na 10 dagen zeker onttrekkingsverschijnselen veroorzaken, zelfs bij deze relatief kleine dosisreductie van 7,5 mg.
Waarom deze dosisreductie onttrekkingsverschijnselen kan veroorzaken
Een dosisreductie van 20% (van 40 naar 32 mg) is voldoende om onttrekkingsverschijnselen te triggeren, vooral na 10 dagen wanneer de nieuwe steady-state plasmaspiegels zijn bereikt. 1
Tijdsverloop en farmacologie
- Citalopram bereikt een nieuwe steady-state plasmaconcentratie binnen ongeveer 5-7 dagen na een dosisverandering, wat betekent dat onttrekkingsverschijnselen typisch binnen deze periode kunnen beginnen 2
- Na 10 dagen zijn de plasmaspiegels volledig aangepast aan de lagere dosis, waardoor het lichaam het verschil in serotonerge activiteit volledig "voelt" 2
Bewijs voor onttrekkingsverschijnselen bij citalopram
- De FDA-bijsluiter waarschuwt expliciet dat spontane meldingen van onttrekkingsverschijnselen zijn gerapporteerd bij het stoppen of verminderen van citalopram, inclusief: dysfore stemming, prikkelbaarheid, agitatie, duizeligheid, sensorische stoornissen (zoals elektrische schoksensaties), angst, verwardheid, hoofdpijn, lethargie, emotionele labiliteit, slapeloosheid en hypomanie 1
- Deze verschijnselen zijn over het algemeen zelfbeperkend, maar er zijn meldingen van ernstige onttrekkingsverschijnselen 1
Belangrijke nuances
- Hoewel een oudere studie uit 1996 suggereerde dat citalopram weinig onttrekkingsverschijnselen veroorzaakt 3, is dit gebaseerd op abrupte stopzetting in korte trials en weerspiegelt het niet de klinische realiteit van geleidelijke dosisvermindering na langdurig gebruik
- Recent onderzoek toont aan dat 79% van patiënten enige mate van onttrekkingsverschijnselen rapporteert, met 45% die matige tot ernstige symptomen meldt 4
- Een casusrapport documenteerde zelfs ernstige hypertensie na abrupte stopzetting van citalopram 40 mg tweemaal daags 5
Aanbevolen aanpak
De FDA-bijsluiter beveelt aan dat een geleidelijke dosisreductie in plaats van abrupte stopzetting altijd de voorkeur heeft, en als onverdraaglijke symptomen optreden na een dosisverlaging, kan het hervatten van de eerder voorgeschreven dosis worden overwogen. 1
Specifieke strategie
- Als de onttrekkingsverschijnselen mild zijn: blijf op 32 mg en monitor gedurende nog 5-7 dagen, aangezien symptomen vaak binnen deze periode verbeteren 2
- Als de onttrekkingsverschijnselen matig tot ernstig zijn: keer terug naar 40 mg en probeer daarna een langzamere afbouw 1
- Voor toekomstige afbouw: overweeg een hyperbolische taperingschema met veel kleinere dosisstappen (bijvoorbeeld 2,5 mg per keer) over een periode van maanden, wat de biologische effecten op serotoninereceptoren lineair vermindert en onttrekkingsverschijnselen minimaliseert 6
Monitoring
- Evalueer de patiënt binnen 3-5 dagen na de dosisreductie om verbetering te beoordelen 2
- Let op tekenen van discontinuatiesyndroom, hoewel dit minder waarschijnlijk is bij een relatief kleine dosisreductie 2
- Monitor specifiek op de hierboven genoemde onttrekkingsverschijnselen uit de FDA-bijsluiter 1
Belangrijke waarschuwing
- Patiënten die antidepressiva langer dan 24 maanden gebruiken hebben een 10-voudige kans op een onttrekkingssyndroom vergeleken met gebruik korter dan 6 maanden, en zijn 27 keer minder waarschijnlijk in staat om te stoppen 4
- 20% van patiënten rapporteert onttrekkingsverschijnselen die langer dan 3 maanden aanhouden, en 10% langer dan een jaar 4